De eerste behandelstap na het stellen van de diagnose AD(H)D is voorlichting aan kinderen, jongeren en hun ouders. Daarnaast wordt er ook gekeken welke aanpassingen nog gedaan kunnen worden bijvoorbeeld op school en thuis. Als ondanks deze aanpassingen er nog ernstige problemen blijven bestaan en kinderen en jongeren belemmerd worden in hun functioneren, kan overwogen worden om te starten met medicatie.

Er wordt dan een gesprek bij één van de artsen gepland om in te schatten of het kind/de jongere in aanmerking komt voor medicatie en om uitleg te geven over de werking en mogelijke bijwerkingen.Veel ouders weten bijvoorbeeld niet dat de medicatie indien gewenst alleen op schooldagen kan worden gegeven.

Na het starten van de medicatie, die langzaam wordt opgebouwd, is er regelmatig contact (telefonisch of in de spreekkamer)  om goed in de gaten te houden hoe het gaat. Als het kind/de jongere stabiel is ingesteld, kan de huisarts in principe de controles overnemen.

De medicatiecontroles kunnen voor een periode weer bij ons plaatsvinden als er vragen zijn vanuit de huisarts rondom de begeleiding. Een huisarts kan bij vragen telefonisch contact opnemen met de artsen van het AD(H)D-team.